Daar aan de kust – deel twee

Aangezien verder fietsen niet meer gaat, heeft Remko zijn vader zo ver gekregen om om met de auto terug naar Drachten te brengen.

Daar gaan we wat caches lopend zoeken. Ergens vind ik het wel lekker, want inmiddels zit ik vanaf Someren alweer elke dag op de fiets, een rustdagje is ook wel eens goed.

Vanaf Drachten fiets ik alleen terug naar huis, en ik heb besloten om dat via de NAP-route te doen. Deze route volgt de kustlijn wanneer de duinen en dijken niet zouden bestaan.  In Steenwijk om ik op de route terecht, en die dag fiets ik met de wind vol in de rug tot net voor Zwolle, waar ik op een boerencamping mijn tent opzet. Zowaar zijn er eens wat andere mensen op de camping, maar vooral heb ik uitzicht op een fantastische zonsondergang.

Vanaf de camping blijkt de route naar een handbediend pontje te gaan dat pas om 10:00 begint met varen. Gelukkig was de pontbaas al aanwezig en wilde hij zijn eigen fiets ook aan de overkant hebben. Zo kon ik toch oversteken en hoefde ik  niet om te rijden. In Zwolle heb ik eens een ontbijtje op een terras genomen. Verrassend hoe snel je weer in het oude ritme zit van niet op de camping ontbijten, maar direct na het afbreken van de tent vertrekken wanneer je alleen verder gaat.

Nog steeds met de wind in de rug en een lekker lange pauze langs op een strandje met uitzicht op bij Elburg kom ik op natuurkampeerterrein De Dasselaar in Zeewolde aan. Het gaat erg hard, want met deze wind is 90 kilometer zo afgelegd. En alleen zijn de pauze’s ook korter. Nog maar een dagje en ik ben weer thuis, de vakantie zit er bijna op.

Die laatste dag gaat via Bunschoten, waar je de oude inwoners echt nog in klederdracht kan zien, via Amersfoort naar Utrecht. Ik kom weer in bekend gebied, de meeste wegen heb ik al vaker gefietst. Mooi is het nog steeds, maar het voelt toch anders. Het voelt echt als het einde. Uiteindelijk kom ik na 1941 kilometer weer aan op de plek waar ik een maand eerder vertrok. Nederland ben ik – op twintig kilometer na – rondgefietst en daarbij heb ik de helft van het land ook nog even dwars doorgestoken.

De laatste drie dagen ben ik langs vier plaatsen met een Bever gefietst. Er traden wel wat ontwenningsverschijnselen op, maar het is me gelukt om bij geen van de winkels naar binnen te gaan.

Deze reis was voor mij ook een test. Tot nu toe ben ik meestal alleen op pad geweest, en nu ben ik voor langere tijd samen met Remko aan het fietsen geweest. De test was of dat goed zou gaan, want afhankelijk daarvan ga ik volgend jaar samen met hem drie maanden in Canada fietsen.

Het volgende reisverslag zal zich in Canada afspelen.

De finale net niet

Vanaf Harlingen fietsten we door het lege en winderige Friesland, vooral langs de waddendijk, maar af en toe wat meer landinwaards. Zo voerde de route ons langs een oud stationnetje waar zo goed als zeker nooit meer een trein gaat stoppen. De rails hield aan beide kanten een paar meter van het station op.

OLYMPUS DIGITAL CAMERA

‘s Avonds eindigden we op een gloednieuw natuurkampeerterrein in Nes, maar dan niet die op Ameland. Op het vasteland van Friesland blijkt deze plaats ook te bestaan. Helaas was de camping zo nieuw dat de struiken om het veld heen de wind totaal niet tegenhielden, en die wind was in grote hoeveelheden aanwezig. Daarbij hadden we ook weer de eerste regen sinds ergens aan het begin van de vakantie. Maar, in de luwte van het toiletgebouw konden we toch nog droog en uit de wind zitten. Het koken ging met mijn brander niet meer, het rubbertje van de pomp was totaal versleten waardoor de benzine niet meer op druk gebracht kon worden.

OLYMPUS DIGITAL CAMERA

Via Lauwersoog langs het Lauwersmeer fietsen we Friesland uit, Groningen in. De wind begonnen we weer mee te krijgen en de zon was ook weer terug. Naast een molen en brug – met bijbehorende geocache – vonden we een prima lunchplek waar ze heerlijke uitsmijters serveerden.  Via leuke kronkelpaadjes gaan we door naar Groningen, waar we onze favoriete winkelketen weer eens met een bezoekje vereerden. Helaas bleken ze de rubbertjes niet te hebben, maar een andere outdoorwinkel vlak naast de Martinitoren had ze wel op voorraad. 

OLYMPUS DIGITAL CAMERA
OLYMPUS DIGITAL CAMERA

Uiteindelijk komen we net buiten provincie Groningen in Zuidlaren aan. Remko kon als rasechte Fries echt zijn tent in Groningen niet opzetten. Hadden we dat maar wel gedaan, dan waren we de volgende dag op een ander moment bij het Balloerveld en had Remko geen kontje van een koe gekregen. Helaas was dat nu wel het geval, en kwam zijn voorwiel schuin in het zand terecht waarbij het dubbelklapte. Dat wiel draait niet meer, en daarmee was het Rondje Nederland voor hem afgelopen, 20 kilometer voor het einde. 

OLYMPUS DIGITAL CAMERA

Daar aan de kust

De Zeeuwse kust. En de Zuid-Hollandse kust. En de Noord-Hollandse kust. Dat was globaal de route van afgelopen week.

Na een enorm gezellig verjaardagsweekend met Falco, Ellen, Arthur en Marjoleine op naturistenterrein Zonnelust in Someren zijn we op maandagochtend weer op de fiets geklommen om richting Zeeland te gaan.

De eerste dag ging nog over de gortdroge, maar enorm mooie heide en door de bossen van Brabant. ‘s Avonds stonden we weer als enige op de camping die net een jaar geleden heropend was na een paar jaar leegstand. De nieuwe eigenaren hadden een huis gekocht waar een camping bij bleek te horen. Gelukkig hebben ze deze nieuw leven ingeblazen, want het is een fantastische plek.

Een paar maanden geleden hebben Remko en ik meegedaan aan een fietstocht van de Wereldfietsers, waarbij we ook langs de dijken van Zeeland fietsen. Toen hadden we de wind vol in de rug en was het heerlijk warm. Zo goed konden we het vast deze vakantie niet krijgen, dachten we toen. Fout. Het is zelfs nog warmer en de wind staat nog steeds perfect.

We komen veel verder dan verwacht en stoppen uiteindelijk op een boerencamping in Kruiningen, waarvandaan het niet al te ver is naar Middelburg waar we voor de verandering maar weer eens de Bever opzoeken. Nu heeft de pompzak van het luchtbed van Remko het begeven. Zal dit nu eindelijk het laatste zijn dat kapot gaat deze reis?

Vanaf Vlissingen volgen we helemaal tot in Petten de Noordzeeroute, veel door de duinen maar natuurlijk ook over de dijken van Zeeland. Dit is het eerste stuk sinds lang waarop we de wind niet constant in de rug hebben. De ene na de andere e-biker racet ons voorbij, maar dat deert ons niet. De weg is mooi en we genieten volop.

De Noordzee hebben we nu achter ons gelaten, morgen mogen we de Afsluitdijk over om in Friesland verder te gaan. Dat is ook meteen eerste dag waarop we moeten plannen waar we stoppen. Tussen Zurich, aan het eind van de Afsluitdijk, en Harlingen zijn geen campings. De laatste avond in Noord-Holland plannen we dus zo dat die camping in 80 kilometer te halen is.

Op en neer

Het rondje Nederland doet alsof het zuiden van Limburg niet bestaat. Aangezien ik het een van de mooiste delen van Nederland vind, heb ik een extra rondje gemaakt die tot het uiterste zuiden van het land komt.

Via een erg mooi, maar uitdagend bospad fietsen we vanuit Roermond richting de grens. Deze zullen we de komende dagen erg vaak oversteken. De tocht voert ons afwisselend van Nederland naar Duitsland, terug naar Nederland en dat blijft zich zo herhalen. De camping waar we ‘s avonds stoppen is een natuurkampeerterrein weer net in Nederland.

We komen steeds zuidelijker, wat duidelijk wordt doordat er steeds meer geklommen moet worden. Ondanks dat we dachten dat de Vaalserberg het steilst zou zijn viel dat in het niet met de klim Kerkrade in. Intussen is het ook hoogzomer geworden, het is overdag ruim 30 graden.

Uiteindelijk stoppen we moe maar voldaan op een camping in Wallonië, op zeker 30 meter van de Nederlandse grens. En zoals van Franstaligen verwacht kan worden spraken ze geen woord Nederlands of Engels op de camping. Wel was er een heerlijk zwembad en waren er eindelijk eens wat andere tentkampeerders op de camping, die zowaar ook met een fietstocht bezig waren.

Eigenlijk wilden we de volgende dag met de bus een dagje naar Maastricht, maar helaas was et net een landelijke staking bij het streekvervoer begonnen. Aangezien er bij Maastricht zelf geen campings zijn hebben we maar een bed en breakfast midden in het centrum van de stad geboekt. De fietsen konden veilig in de binnentuin gezet worden. De stad hebben we via een mooie multicache gezien, en in de avond hebben we een terrasje gevonden met een aanzienlijke hoeveelheid speciaalbieren op de kaart. We hoefden eindelijk eens niets bij de Bever te kopen, er is al een paar dagen niets kapot gegaan.

Vanaf Maastricht moesten we het even rustig aan doen aangezien we op 30 juni, op mijn verjaardag, in Someren wilden zijn om samen met vrienden en weekendje te kamperen en te barbecueën. Daardoor zijn de dagafstanden steeds kleiner geworden. Geheel ongepland zijn we op donderdag geëindigd op het naturistenterrein Diepven in Neeritter. Dat was zeker niet erg, al was het maar om het zwembad waar eindelijk de kleffe zwembroek niet nodig was.

Na nog een mooie tocht naar Someren wordt de reis voor tweeënhalve dag onderbroken voor een gezellig weekend met een heerlijke barbecue.

Gelukkig kwam een van de vrienden langs een Bever, want het noodlot had weet toegeslagen. Nu was de stoel van Remko het slachtoffer.

Over en weer

Een dagje Enschede, of beter gezegd een dagje niet fietsen, bleek het wondermiddel voor mijn nek te zijn. Ik kan nu weer gewoon rondkijken en ik heb geen pillen meer nodig.

Nadat we van de best wel troosteloze camping in Hengelo wegfietsten begonnen we aan een lang stuk LF4, de Midden-Nederlandroute. Deze gaat op sommige plekken best ver van de grens af, zelfs tot op de Veluwe.

Het is niet zulk lekker weer meer, er staat veel wind en het is voor de tijd van het jaar best fris. Gelukkig weten we de meeste buien te omzeilen door op het juiste moment koffie te gaan drinken. Na alweer een mooie tocht eindigen we op een boerencamping waar we asperges koken. Ze lagen al geschild in de Albert Heijn, dus dat scheelt veel werk.

De volgende etappe brengt ons naar Millingen aan de Rijn, en aangezien we nu de wind eens mee hebben gaat dat best rap.

Intussen is het volgende ding alweer kapot gegaan, deze keer is het mijn kussentje. Aangezien we in Arnhem toch langs de Bever fietsen bestel ik er eentje zodat ik hem meteen kan ophalen in de winkel.

In Arnhem begint de Maasroute, die met recht zo heet. De routemakers zijn gek op pontjes, want elke mogelijkheid om de rivier over te steken wordt gebruikt. ‘s Avonds in Arcen besluiten we nog even een kroeg op te zoeken om de, weliswaar ruime, eerste week van deze vakantie te beklinken.

Het oosten met pijnstillers

Op zaterdag is het zover, ik stap op de fiets om naar Utrecht te gaan. Daar neem ik de trein naar Heerenveen om via een mooie route naar Remko te fietsen. Bij het opstaan blijkt dat ik een spiertje in mijn nek verrekt heb, maar zo erg kan dat toch niet zijn?

Op zondag stond ik na een veel te korte nacht veel te vroeg op. De slaap was slecht te pakken met een pijnlijke nek, maar misschien dat het fietsen het wat verlicht. Via een mooie route gaan we langs het herinneringscentrum Westerbork richting Borger waar we de boodschappen voor het avondeten halen. In Bronnegerveen (dat ik consequent verkeerd uitspreek) vinden we een boerencamping voor de eerste overnachting.

Helaas, van slapen komt weinig terecht, de nek gaat steeds meer pijn doen. Ook de rechterkant begint nu stijf te worden. Onderweg sla ik een familievoorraad Ibuprofen indoor, misschien gaat dat iets helpen.

Intussen zijn we echt aan het rondje Nederland begonnen, en fietsen we via een mooie rustige wegen en paden door Drenthe naar het zuiden. Helaas zijn het niet alleen maar gladde asfaltwegen, maar ook veel bospaden en klinkerwegen. Ik kan je een ding zeggen, met een pijnlijke nek zijn die verschrikkelijk.

Op een erg mooie camping in Annerveen, een stukje na Emmen, slaan we ons kamp weer op. Het begint wat te regenen, maar er is een binnenruimte waar we ‘s avonds kunnen zitten. Helaas hebben de pijnstillers nog steeds niet heel veel effect. Tenminste, waarschijnlijk zou het zonder de pillen nog veel erger zijn, maar als zelfs eten lastig gaat omdat het pijn doet om je mond te openen is de lol er wel een beetje van af.

Ik probeer het toch nog één dag, vooral omdat het toch iets minder lijkt te worden. Het is vooral een dag met mooie caches en, jawel, alweer stevige hoofd- en nekpijn. Intussen begint een van de pedalen van Remko het ook nog eens te begeven. Al vroeg besluiten we te stoppen op een boerencamping, nadat er nieuwe pedalen gekocht zijn in de lokale fietsenwinkel. Op de camping begin ik te kijken waar ik heen moet fietsen om met de trein naar huis te gaan, want ik ben het helemaal zat. Hoe mooi de route ook is en hoeveel zin ik ook in de tocht heb, drie slapeloze nachten is voorlopig echt genoeg.

Al vroeg in de avond kruip ik onder invloed van een kleine vracht pijnstillers mijn tent in, om de volgende ochtend pas door mijn wekker gewekt te worden. Kijk, zo wil ik het nog wel even proberen. Zeker ook omdat we door het gebied langs de Dinkel bij Ootmarsum en Denekamp komen, waarvan ik weet dat het er heel mooi is.

Verrassend genoeg kom ik de dag door met maar drie paracetamolletjes. Remko heeft meer pech, van de nieuwe pedalen begeeft eentje het al na een kilometer of vijftig. Na een tocht van een kilometer of 80 stoppen we tussen Enschede en Hengelo. Het gaat weer lekker, maar we besluiten een dagje te stoppen in Enschede te bezoeken. Dan kan ik ook meteen een nieuw stoeltje kopen, want ook die heeft het begeven.

Reisverhalen en foto's